Suikersoesje van citroenricotta met coulis van rode vruchten

Ingrediënten

Voor 30 soesjes:

  • 25 cl water
  • 100 g vetarme boter
  • 1 snuifje Canderel
  • 140 g bloem
  • 3 eieren
  • 1 eigeel voor het eigeellaagje
  • 1 snuifje zout

Voor de garnituur:

  • 250 g ricotta
  • 2 Canderel vanille sticks
  • 2 citroenen

Voor de coulis van rode vruchten:

  • 200 g diepgevroren frambozen
  • 1 eetlepel Canderel
  • 5 eetlepels water
  • 6 personen

Hoe bereiden?

  1. Voor het soezendeeg:
    Verwarm de oven voor op 200°C (stand 7). Doe het water, de Canderel, het zout en de boter in een steelpan en breng aan de kook. Haal van het vuur, voeg alle bloem in één keer toe en vermeng met behulp van een houten lepel om een homogeen deeg te bekomen. Zet terug op het vuur en roer tot de mengeling loskomt van de wanden van de steelpan.

    Giet het vervolgens in een slakom en voeg de eieren één voor één toe terwijl u krachtig mengt. Het deeg moet dik en glanzend zijn.

    Doe het soezendeeg in een garneerspuit en spuit het deeg in de vorm van kleine soesjes op een vel bakpapier. Bestrijk de kleine soesjes met eigeel met behulp van een penseel.

    Zet gedurende 20 minuten in een oven van 200°C, en verminder vervolgens de temperatuur naar 160°C (stand 5) en laat nog eens 20 minuten bakken.
  2. Voor de garnituur:
    Haal de zestes van de citroen. Doe de ricotta, de vanille en de zestes in een kom en meng goed
  3. Voor de coulis:
    Doe het water en de Canderel in een pan en breng aan de kook. Doe de bevroren frambozen in een blender en giet er de siroop over. Mix tot u een relatief dikke vloeistof met de textuur van een coulis bekomt. Snijd de soesjes in twee. Vul ze op met de ricotta en serveer met de coulis van rode vruchten.

Tip:

  • Het eigeellaagje bestaat uit een eigeel opgeklopt met een eetlepel water. U kunt ook een lepel gebruiken om de soesjes te vormen wanneer u niet over een garneerspuit beschikt.
Share |
Print